Cor: Hoe lang heb je nog vakantie?
Vader: Nog twee weken.
Cor: Ben
je tevreden met je nieuwe baan?
Vader: O ja, zeer tevreden.
Cor: Krijg
je dan veel meer geld?
Vader: Nee, helemaal niet veel, maar het werk is
wel veel interessanter.
Cor: Is het veel anders dan je vorige baan?
Vader: Ja. Ik moet nu veel reizen en dat vind ik erg prettig.
Cor: Kom
je ook een keer naar Amerika?
Vader: Ik denk het wel; misschien over een
paar maanden al.
Cor: En komen Gerda en de kinderen dan ook?
Vader: Gerda
wel, maar de kinderen waarschijnlijk niet - die moeten naar school. Ik
blijf misschien wel een maand. Ik moet namelijk naar New York, naar Colorado
en naar Californie.
Cor: Dat is leuk. Wat kom je eigenlijk doen?
Vader: Je weet natuurlijk dat Nederland veel industrieprodukten uitvoert, ook
naar Amerika. Ik moet zaken doen met onze correspondenten in jouw nieuwe
vaderland.
Cor: Wat wordt allemaal naar Amerika uitgevoerd?
Vader: Bedoel
je door Nederland of door ons bedrijf?
Cor: Ik bedoel eigenlijk door jullie
bedrijf maar ik wil ook wel graag weten wat allemaal door mijn oude vaderland - of is het moederland? - uitgevoerd wordt.
Vader: Wij exporteren alleen
groente en fruit en zuivelprodukten, maar Nederland voert natuurlijk
ook veel industrieprodukten uit. Ik ben vertegenwoordiger voor de zuivelprodukten zoals boter, kaas en eieren.
Cor: Wat voor industrieprodukten
voert Nederland uit?
Vader: Ben jij al in Eindhoven geweest?
Cor: Vroeger
wel, maar waarom vraag je dat?
Vader: Je weet misschien dat daar een van
de grootste fabrieken in de wereld staat waar elektronische apparaten gemaakt worden.
Cor: Ik wist wel dat daar een grote fabriek was maar niet dat
het een van de grootste in de wereld was.
Vader: Ja, dat is zo.
Cor: Kan je die fabriek ook bezoeken?
Vader: Waarschijnlijk wel, maar ik weet
dat ze een permanente expositie hebben die dagelijks door honderden mensen
bezocht wordt. Het gebouw lijkt op een heel grote vliegende schotel en
het heet `Evoluon'; ik ben er al een paar keer geweest.
Cor: Dat wil ik
ook graag zien.
Vader: We kunnen morgen gaan, als je wilt. Dan kunnen
we de allernieuwste communicatie- en huishoudelijke elektronische apparaten
zien die in de wereld gemaakt worden.
Exercise 91. Vertaal de bovenstaande tekst in
het Engels.
Exercise 92. Beantwoord de volgende vragen:
1. Hoe vindt Vader zijn nieuwe baan?
2. Doet hij hetzelfde werk als
in zijn vorige baan?
3. Wat moet hij nu veel doen?
4. Moet hij misschien
een keer naar Amerika?
5. Welke staten van Amerika moet hij bezoeken?
6. Wie gaat met hem mee?
7. Welke produkten worden door Nederland uitgevoerd?
8. Wat wordt door Vaders bedrijf geexporteerd?
9. Wat voor produkt is kaas?
10. Wat staat er in Eindhoven?
11. Wat wordt daar gemaakt?
12. Hoe groot
is de fabriek die in Eindhoven staat?
13. Door hoeveel mensen wordt het
Evoluon bezocht?
14. Wanneer gaan de mannen misschien naar Eindhoven?
15. Wat kunnen ze daar zien?
1. Hoe vind jij reizen?
2. Hoeveel staten van Amerika heb je al bezocht?
3. Wat is jouw vaderland?
4. Welke produkten worden door de Verenigde Staten
uitgevoerd?
5. Welke produkten exporteert Canada?
6. Exporteert Amerika
ook fruit?
7. Worden er zuivelprodukten uitgevoerd door Amerika?
8. Heb
je het Evoluon al gezien?
9. Welke elektronische apparaten gebruik je thuis?
10. Waar worden ze gemaakt?
